De Nederlandse maakindustrie laat een gemengd maar veelzeggend beeld zien. VDL Groep noteerde in 2025 een lichte omzetdaling, maar wist tegelijkertijd het resultaat fors te verbeteren. Daarmee onderstreept het Eindhovense concern een trend die breder zichtbaar is in de sector: minder volume, maar meer focus op rendement en strategische positionering. De omzet kwam uit op ruim 4 miljard euro, een daling van circa 5 procent ten opzichte van een jaar eerder. Tegelijkertijd steeg het nettoresultaat met 83 procent naar 121 miljoen euro.
De lagere omzet is vooral het gevolg van terugval in de halfgeleiderindustrie en de afbouw van activiteiten in de autobouw, met name bij VDL Nedcar. Tegelijkertijd wist het concern zijn winstgevendheid aanzienlijk te verbeteren, onder meer door efficiënter te opereren en beter in te spelen op veranderende marktomstandigheden.
Voor de maakindustrie is dat een belangrijk signaal. In een periode van geopolitieke onzekerheid en schommelende vraag verschuift de focus van pure groei naar weerbaarheid. Bedrijven die hun kostenstructuur en portfolio op orde hebben, blijken beter in staat om schokken op te vangen.
Groei verschuift naar nieuwe markten
Opvallend is dat de groei binnen VDL vooral uit nieuwe en strategische domeinen komt. Sectoren als foodtech, energie en infratech laten positieve ontwikkelingen zien, terwijl traditionele markten zoals automotive en delen van hightech juist onder druk staan. Die verschuiving is exemplarisch voor de bredere maakindustrie, waarin bedrijven steeds vaker inzetten op diversificatie. Door actief te investeren in meerdere markten verkleinen zij hun afhankelijkheid van conjunctuurgevoelige sectoren.
Ook overnames spelen daarin een rol. Met investeringen in onder meer robotisering (foodtech) en hoogwaardige elektronica versterkt VDL zijn positie in technologiegedreven segmenten, waar de toegevoegde waarde hoger ligt.
Orderportefeuille als graadmeter
Ondanks de omzetdaling blijft de onderliggende vraag stevig. De orderportefeuille groeide begin 2026 naar een recordniveau van ruim 2 miljard euro. Voor toeleveranciers en partners in de keten is dat een cruciale indicator: de vraag naar industriële capaciteit blijft aanwezig, maar manifesteert zich grilliger en sectorafhankelijker dan voorheen. Een tweede belangrijke ontwikkeling is de toenemende rol van strategische industriepolitiek. VDL werkt samen met overheden aan de ontwikkeling van productielocaties voor onder meer defensie, batterijtechnologie en hightech-systemen.
Daarmee speelt het bedrijf in op een bredere Europese beweging om minder afhankelijk te worden van buitenlandse productieketens. Voor de maakindustrie betekent dit nieuwe kansen, maar ook hogere eisen aan flexibiliteit, innovatievermogen en schaal.
Voorzichtig optimisme
Voor 2026 verwacht VDL opnieuw groei, met name in de tweede helft van het jaar. Die verwachting wordt gedragen door de sterke orderportefeuille, al blijven geopolitieke spanningen een onzekere factor. Voor de sector als geheel is de boodschap helder: de maakindustrie bevindt zich in een overgangsfase. Niet langer draait het uitsluitend om productievolume, maar om slimme positionering in een complexer en strategischer speelveld.
De Nederlandse productiesector deed het in maart goed met de eerste toename van het aantal nieuwe orders dit kwartaal, onder …
De Nederlandse maakindustrie kan zich geen stilstand meer veroorloven. Terwijl productiviteit achterblijft en de druk op kosten en personeel toeneemt, …
Met de introductie van de LT14 Fiber op de Tube 2026, zal BLM Group een Fiber buislaser presenteren voor groot …
Op de beursvloer van de TMTS in Taichung overheerst deze week optimisme. Standhouders tonen nieuwe CNC-machines, automatiseringsoplossingen en slimme productielijnen. …